Tips & Advies

Wanneer uw behangpapier afbladdert of witte plekken vertoont, is de kans groot dat opstijgend vocht achter deze aanslag op de muur zit. Er bestaan verschillende manieren om dit te lijf te gaan. Het WTCB stipt injectie met vochtwerende producten aan als belangrijkste remedie. Doch, is het belangrijk steeds een specialist te raadplegen, zodat opstijgend vocht bij de bron kan aangepakt worden. Ook een grondige afwerking van de aangetaste muur, wat vaak vergeten wordt, is primordiaal om een vakkundig resultaat te garanderen dat uw klant tevreden stelt.

Situering Opstijgend Vocht

Problematiek

Wanneer het ondergrondse metselwerk sporadisch of zelfs permanent in contact staat met water, kan er opstijgend vocht optreden. Door het fenomeen van capillariteit (absorptiewerking), baant het water zich een weg naar boven langs de poriën van baksteen, natuursteen en vooral mortel. Tot op gemiddeld 80 à 100 cm muurhoogte richt zowel het water als de daarin aanwezige zouten een ravage aan.

‘Courante’ zouten vinden hun oorsprong in bouwmaterialen (bv. sulfaten en carbonaten), hygroscopische zouten, daarentegen, zijn meestal afkomstig uit de bodem (bv. nitraten). Hygroscopisch betekent dat de zouten vocht aan de lucht onttrekken, zodat het aangetast pleisterwerk vochtig blijft. Als het vocht verdampt, gaan de zouten terug kristaliseren.  Aantasting van het pleisterwerk, wit poeder op het pleisterwerk, loskomend behang, blazen in de verflaag zijn enkele typische schadebeelden die met opstijgend vocht gepaard gaan.

Diagnose

Toch moet men voorzichtigheid inbouwen in het stellen van de diagnose. Immers, vochtschade kan vele oorzaken hebben zoals condensatie, slagregen, slecht geplaatst schrijnwerk, bouwvocht, lekken in leidingen …

Apparaten (zoals een Protimeter met twee pinnetjes) die de elektrische weerstand meten zijn nuttig om een eerste diagnose te stellen en in de muur aanwezig vocht te identificeren. Ze werken volgens het principe dat de soortelijke weerstand en de capaciteit van materialen veranderen naargelang het vochtgehalte.

Ze volstaan echter niet voor een nauwkeurige bepaling van het vochtgehalte. Daarvoor beveelt het WTCB een calciumcarbidetest aan (TV 210). Daarbij wordt een gat geboord tot in het midden van de muur.  Het boorsel wordt samen met calciumcarbide in een metalen fles gedaan.  Calciumcarbide reageert op het aanwezige vocht in het genomen monster.   Op de meter kan je het exacte vochtgehalte van de muur aflezen.  Pas als er in de kern van de muur vocht wordt gemeten, kan je spreken van opstijgend vocht.  De aanwezigheid van zouten wordt gemeten met speciale strips.

De ecoTEC plus is een condensatiegaswandketel met een modulerende brander van 20 tot 100% van het vermogen van de ketel. Deze ketel condenseert ook voor de productie van sanitair warm water in combinatie met een boiler, waardoor u tot 35% minder gas kunt verbruiken in vergelijking met een klassieke ketel.

Dankzij de ingebouwde hoogrendementspomp en de aangepaste elektronica kunt u met de ecoTEC plus bovendien tot 75  euro aan elektriciteit per jaar besparen.

*5 jaar garantie
Van 1 oktober 2014 tot 30 juni 2015 kan iedereen die thuis een ecoTEC plus-ketel van Vaillant laat installeren, profiteren van een aanbieding die uitzonderlijk is op de Belgische verwarmingsmarkt, namelijk 5 jaar garantie.

Compact, hoogkwalitatief en betrouwbaar
De ecoTEC plus kreeg niet alleen een strak design, maar is eenvoudigweg de meest compacte ketel die Vaillant ooit heeft ontwikkeld. De ketel is eenvoudig te monteren dankzij de beperkte afmetingen en het lichte gewicht. Toch zijn alle gebruikte materialen van hoogwaardige kwaliteit. De primaire warmtewisselaar en de premixbrander zijn gemaakt van roestvrij staal, wat garant staat voor een lange levensduur en minimaal onderhoud.

De ecoTEC plus is bovendien bijzonder gebruiksvriendelijk en uiterst eenvoudig te bedienen. De aquaPOWER-functie zorgt voor optimaal comfort bij de productie van sanitair water, en dankzij de functie ‘comfort back-up’ blijft de ketel ook bij kleine storingen op 60% van zijn vermogen verwarmen.

De keuken is het hart van uw woning. Om de levensduur ervan met een flink aantal jaren te verlengen, moet u ze op de juiste manier onderhouden. Hoe u de keuken schoon en netjes houdt, hangt niet alleen af van de gebruikte materialen, maar ook van de bekleding en de afwerking. Kastdeuren en werkbladen vragen bijvoorbeeld om een andere reiniging dan handvaten en keukenapparaten.

Zorg ervoor dat de keuken onderhoudsvriendelijk is. U kiest dan ook best voor sterke en hoogwaardige materialen, die u makkelijk kunt schoonmaken. Zo geven kranen uw keuken vaak een extra tintje, maar het is ook van belang dat ze krasbestendig zijn. Nog belangrijker is dat het materiaal regelmatig en op de juiste manier wordt onderhouden zodat u er nog jarenlang plezier van hebt.

Draag zorg voor materialen

Maak enkel gebruik van milde, in water oplosbare schoonmaakmiddelen. Ga na of het middel dat u wilt gebruiken, geschikt is voor het te reinigen materiaal. Poets met een zeem, een spons of een zachte pluisvrije doek. Pas op met microvezeldoekjes, ze bevatten minuscule schuurdeeltjes die op bepaalde oppervlakken krassen kunnen achterlaten.

Behandel de materialen altijd in hun geheel en droog ze steeds goed af met een propere doek. Vermijd te vochtige oppervlakken of dampvorming die ontstaat tijdens of na het koken. Stilstaand water en andere vloeistoffen kunnen voor blijvende schade zorgen. Spatten en andere verontreinigingen moet u zo snel mogelijk verwijderen. Let ook op voor druppelvorming aan de onderkant van de werkbladen en de deuren. Tijdens het poetsen oefent u beter geen te grote druk uit, dit kan glanzende of matte vlekken veroorzaken.

Verleng de levensduur van apparaten

Volg voor het onderhoud van uw elektrische keukentoestellen altijd het advies op van de fabrikant. Het dagelijks onderhoud kan gebeuren met zuiver water. Hardnekkige vlekken bestrijdt u met een sopje op basis van een vloeibaar reinigingsmiddel. Na een reinigingsbeurt altijd naspoelen en het oppervlak volledig drogen. Kalkranden, die bijvoorbeeld ontstaan door overgekookt water, verdwijnen meestal met azijn of citroen.

Waarom dient u een waterverzachter te plaatsen?

Zowat overal in Vlaanderen fluctueert de hardheid van het leidingwater. Of je nu eigenaar bent van een woning, of je huurt een woning, …iedereen heeft er baat bij om zijn of haar eigen apparaten te beschermen tegen de hoge kalkwaarden in het drinkwater.
Het aanschaffen van een waterverzachter is daarom een investering die je zeker terugverdient op lange termijn. Alle apparatuur die op basis van water werkt, gaat op termijn schade ondervinden van kalk. Beginnende bij de kraan in de keuken, tot de thermostatische mengkraan in de badkamer, tot de boiler, …alles maar dan ook alles! Weliswaar gaat het langzaam, maar toch, na verloop van tijd, treedt er slijtage op die de goede werking van het toestel verhindert. Je kan dus maar beter je dure apparaten beschermen, vooraleer je deze moet vernieuwen. Een goede waterverzachter treedt in dit verhaal op als beschermer van het huishouden.

waarom

Hoe werkt een waterverzachter precies?

Doorgaans is een waterverzachter of waterontkalker uitgerust met een filter (vaak in de vorm van een fles), gevuld met harskorreltjes die magnesium en calcium uit het harde water opnemen en natrium weer afgeven – ionenwisseling – waardoor je zacht water krijgt. Het zout (in korrelvorm) dat je in de ontharder doet, zorgt voor een regeneratie (schoonspoelen) van de harsen. Het harde water komt binnen in de waterverzachter en doorloopt de filter met de harsen.

Deze harsbolletjes, geladen met natriumionen, nemen onmiddellijk de calciumionen (kalk in het water) op en geven de natriumionen af aan het water. Zo ontstaat water zonder kalk – zeg maar zacht water. De werking (ionenwisseling) van een waterverzachter duurt tot op het moment dat alle harsbolletjes verzadigd zijn – waarna een regeneratie met zout volgt.
De regeneratie van een waterverzachter zorgt voor een omgekeerd effect: Het zout in de waterverzachter zorgt voor een automatische vorming van pekel (natriumchloride), die de verzadigde harsbolletjes (geladen met calciumionen) terug omzet tot harsbolletjes geladen met natriumionen. Een nagenoeg onuitputtelijk proces. Hoe vaak de filter moet spoelen hangt af van de grootte en het verbruik van de waterverzachter. Een waterverzachter voor huishoudelijk gebruik spoelt (regenereert) best 1 keer per week, zodat je geen kans geeft aan het ontstaan van bacteriën in de waterfilter.

Informeer u verder bij onze verkopers en bekijk het toestel in werkelijkheid, in onze showroom. Samen met u voorzien we een toestel met voldoende capaciteiten, zorgen we voor de plaatsing en de check-up door de fabrikant. Wij hebben tevens in onze magazijnen steeds zoutzakken voorradig.

Condensatieketel

Condensatieketels zijn zodanig ontworpen dat er permanent een belangrijk deel van de waterdamp in de verbrandingsgassen kan condenseren. Zo wordt meer nuttige warmte vrijgemaakt. Concreet worden de nog warme verbrandingsgassen afgekoeld via een warmtewisselaar waardoor het retourwater van de radiatoren of de vloerverwarming stroomt.In vergelijking met een lagetemperatuurketel behaalt een condensatieketel een energiebesparing van ongeveer 10%. Kies voor een modulerende condensatieketel in combinatie met een modulerende thermostaat en/of een weersafhankelijke regeling. Dan wordt het vermogen traploos aangepast aan de vraag.

Bijna alle cv-ketels die nu geplaatst worden zijn condensatieketels. Een cv-ketel ouder dan 20 jaar vervangt u het best door een condensatieketel.

Warmtepomp

Warmtepompen zijn duurzame energiesystemen die energie uit de bodem, het grondwater of de buitenlucht omzetten in bruikbare warmte. Een warmtepomp kan die energie van een relatief lage temperatuur oppompen tot een voldoende hoge temperatuur om de woning te verwarmen of sanitair warm water te bereiden.

De werking van een warmtepomp is vergelijkbaar met die van een koelkast, maar dan in de omgekeerde richting: een koud medium heeft energie nodig om te verdampen en geeft energie af bij condensatie. Het oppompen tot een hogere temperatuur vraagt energie.

Terwijl de meeste verwarmingssystemen hun energie volledig uit brandstof of een andere energiedrager halen, onttrekt de warmtepomp haar energie grotendeels (tussen 70 en 80 %) aan de omgeving. De warmtepompinstallatie verbruikt dus minder energie dan een klassiek verwarmingssysteem.

De energiebesparing die bereikt kan worden met een warmtepomp wordt in grote mate bepaald door het temperatuurverschil tussen warmtebron en afgiftesysteem. Hoe kleiner dit temperatuurverschil, hoe hoger het rendement. Vanwege de relatief lage temperatuur die de warmtepomp levert, wordt ze bij voorkeur gecombineerd met een verwarmingssysteem op lage temperatuur.  Dit kan vloer- of wandverwarming zijn met vergrote radiatoren of convectoren.

Een warmtepomp kan haar warmte halen uit verschillende bronnen :

  • bodem
  • grondwater
  • buitenlucht
  • afvoerlucht

Hoe kleiner het temperatuurverschil tussen warmtebron en afgiftesysteem, hoe hoger de seizoensprestatiefactor (SPF). De SPF omvat ook de energie voor pompen en ventilatoren. Het energieverbruik door pompen en ventilatoren van de bron- en afgiftesystemen van warmtepompen varieert tussen 5 en 20 % van de verbruikte energie en is dus niet te verwaarlozen.

Temperatuurregeling en thermostaat

Naast het verwarmingssysteem op zich is het ook belangrijk om uw woning te voorzien van een goede temperatuurregeling.  Dit kan op verschillende manieren.  Een temperatuurregeling per ruimte (vb. kamerthermostaat met tijdsinstelling in combinatie met thermostatische kranen) verdient de voorkeur op een centrale regeling.

De kamerthermostaat

De kamerthermostaat wordt in een referentielokaal (meestal de leefruimte) aangebracht. Plaats hem liever niet in een omgeving die aan een warmtebron is blootgesteld of op een buitenmuur. Het zuinigst is wanneer de thermostaat rechtstreeks de brander bestuurt, wat enkel mogelijk is met lagetemperatuurverwarmingsketels of condensatieketels. Oude verwarmingsketels moeten immers op temperatuur blijven wil men corrosieproblemen vermijden.

Geef de voorkeur aan een digitale thermostaat met (minstens) twee programma’s: een voor overdag en een temperatuursverlaging voor ’s nachts (bv 15°C). Bij langere afwezigheid dient u de thermostaat op minimum 5°C te zetten, om een risico op vorst te vermijden.

Thermostatische kranen

Thermostatische kranen maken een meer nauwkeurige regeling van de verwarming mogelijk, aangepast aan elke ruimte; ze laten tevens toe om rekening te houden met gratis energietoevoer, zoals de warmte van de zon of iedere andere warmtebron. Ze zijn onmisbaar bij een moderne installatie. U zal de meerkost bij de installatie van thermostatische kranen in minder dan twee jaar terugverdienen.

Plaats beter geen thermostatische kranen in dezelfde ruimte als de kamerthermostaat. Ze kunnen immers met elkaar in tegenstrijd komen voor wat hun regeling betreft.

De buitenvoeler

Met een buitenvoeler kan de keteltemperatuur zich automatisch aanpassen aan de weersomstandigheden. Een buitenvoeler is een klein doosje dat aan de gevel wordt geplaatst, waarmee continu de buitentemperatuur wordt gemeten. De buitenvoeler stuurt de ketel zodat hij steeds op de laagst mogelijke watertemperatuur kan werken. Bij nieuwe ketels/branders is de optie voor weersafhankelijke sturing vooraf ingebouwd.